Dagboek

Delicate dulse

Foto: David Loftus

In 2015 werd dit zeewier wereldberoemd. Een wetenschapper kwam tot de ontdekking dat het naar spek smaakt. Maar dulse is veel meer dan alleen een gezonde vervanger van bacon. Het is een prachtig wier met een rijke historie, waar je heel veel mee kunt in de keuken. Hoe en wat, lees je hieronder.

Wat is dulse?

Dulse, onder wetenschappers bekend onder de prachtige naam Palmaria palmata, is een rood zeewier. Het komt voor in de noordelijke wateren van de Atlantische en Grote Oceaan. Dulse groeit het hele jaar door, maar houdt het meest van de winter. Dan groeit het beter, en is het eiwitpercentage het hoogst. En dat heeft weer voordelen voor de smaak…

Hoe smaakt het?

Dit roodwier heeft een volle, zilte en hartige smaak. Deze wordt nog versterkt als het gedroogd is. Niet voor niets eten de Ieren graag gedroogde dillisk als snack. Ga je het bakken in roomboter, dan wordt het crispy en komt er extra umami vrij. De smaakt lijkt op die van spek, met als bonus dat je bij dulse ook nog het zilte van de zee proeft. Bovendien zul je zien dat het groen wordt tijdens het bakken. Groene, gezonde zee-bacon… Wie wil dat nu niet?

Wat kook ik ermee?

Het is heerlijk om wat gedroogde dulse over warme gerechten te strooien. De hartigheid en het zeezout zorgen ervoor dat andere ingrediënten extra goed tot hun recht komen. In Wales bakte men in de 16e eeuw al koeken van dulse. Dit waren de voorlopers van de hedendaagse zeewierburgers. En dan toetjes… In de roomboter gebakken dulse combineert uitstekend met pure chocola, en misschien nog wel beter met stoofperen. Never a dull moment, always a dulse moment!