Dagboek

Goed idee

Foto: David Loftus

Ik sta in mijn keuken en heb weinig in huis. Over een uur ga ik al surfen. Geen tijd voor boodschappen dus. Wat zal ik eens maken? In de meeste gevallen heb ik geen idee. Ik begin gewoon, het komt vanzelf wel. Ingrediënten bieden een zee aan mogelijkheden. Vooral als ik niet teveel nadenk.

Koken voor mezelf vind ik soms het fijnste wat er is. Ik kan lekker helemaal mijn gang gaan. Ik hoef geen gasten te vermaken, geen date te imponeren, geen smaakpapillen in de watten te leggen. En als dat toevallig wel gebeurt, kan ik mijn geluk niet op.

Vaak maak ik rare combinaties: een saus van yoghurt, mosterd en kurkuma bijvoorbeeld. Ik snap nooit zo goed waar ze vandaan komen. Het ligt er maar net aan hoe de wind waait, hoe mijn haar zit, welke muziek er op de radio is. Als ik enigszins tevreden ben, maak ik het gerecht nogmaals voor een gast. De reacties variëren van “wel lekker” tot “woow” tot “heel bijzonder”.

In (bijna) alle gerechten zit een zeewiercomponent. Voor extra hartigheid, een zilte twist. Of een gekke bite. Het klinkt misschien gek, maar ik ben nog steeds elke dag dankbaar dat er dulse, nori, wakame en zeespaghetti in mijn keukenkastje liggen.

Soms is er die voltreffer. Die dag dat de muziek matcht met mijn haar en de wind. Dan komt alles bij elkaar. Wakame, gerookte makreel, rode ui, tomaat, creme fraiche, zwarte peper en verse peterselie in een tajine bijvoorbeeld.

En zo zijn er ook weleens dagen dat alles precies verkeerd valt. Wat denk je van een zeewiersalade met peer, pijnboompitten en gembersiroop? Niet voor herhaling vatbaar… Maar zoals één van mijn favoriete wetenschappers altijd zei: The best way to have a good idea is to have a lot of ideas.

Dankzij hem is mijn kookboek nu af.